OVERZICHT VAN DE JOODSE FAMILIES IN DE DRECHTSTREEK
ALLEMANS / ANDRIESSEN / VAN BERENSTEIN / VAN BERGEN / BOAS / BOERS BRAADBAART /
VAN BRAKEL / BREMER / VAN DAM / DAVIDSON / FIRST / FOKS/FRANK / DE GELDER / VAN
DE GRAAF / VAN GOGH / GODSLAAR / DEN HARTOG/ VAN HECHTEN / DE HEER / COHEN DE
HEER / HEMELRAAD / HEYMANS/ DE JONG / KOSMAN / KOSTER / LEVISSON / LEEVENSON /
DE LA MEUSE /MEYER / MONASCH / DE MUG / NOACH / OUDEMANS / PARDO / POLAK /
RUBENS / SLUIS / VAN STRAATEN / DE VRIES / WITSTEIN / ZADOKS / ZANGER.
DRECHTSTREEK
Over de Joodse bevolking in de Drechtstreek is niet zoveel bekend. Zij kwamen
hier in de streek wonen rond 1760. Het waren voornamelijk vluchtelingen uit West
Duitsland. Zij leefden in hun eigen gesloten gemeenschap met hun eigen
gebruiken, taal, school en synagoge. In hun sobere manier van leven verschilden
zij niet zoveel van de bewoners in de Drechtstreek.
Meestal leefden er maar enkele gezinnen in de dorpen langs de dijken. Van beroep
waren zij o.a. Joods slager, veehandelaar, handelaar in textiel. Men trouwde
onderling, vaak neven en nichten die voor elkaar waren uitgezocht door een
huwlijksbemiddelaar.
| - eed van trouw op 30 april 1788 diaconen der Joodse Gemeente: Nephtalie Meijer; Tobias Nathan de Vries; assessoren: Barent Samuels; Simon Joseph; Elias David Cohem; Abraham Hartog; schoolmeester: Andries Abrahams; voorlezer: Abraham Hartog; koster: Jonas Machielse; [bron: Erfgoedcentrum DiEP 3-1973 Register houdende aantekening van de burgerlijke en kerkelijke ambtenaren, dekens en leden van de gilden die de eed van trouw aan de constitutie en regering van Holland hebben afgelegd (1788)] |
In 1811 moesten alle Joden een achternaam krijgen en zich laten inschrijven met
een officiële achternaam in de gemeente waar zij woonden.
In 1814 veranderden de Joodse kerk in het kerkgenootschap van de Nederlandse
Israëlieten waarin de rechten en plichten van de in Nederland wonende Joden
werden vastgesteld.
Nederland werd ingedeeld in hoofd synagogen met daaronder ringsynagogen, bv.
Rotterdam was een hoofd synagoge met daaronder als ring synagoge Dordrecht met
daaronder de bijkerken in Sliedrecht en Ridderkerk.
Sliedrecht was een bijkerk van de synagoge in Dordrecht. Onder Sliedrecht
behoorden de dorpen Hardinxveld, Giessendam, Molenaarsgraaf, Blekensgraaf en
Ottoland.
In 1845 was het aantal Joodse bewoners in Sliedrecht zo gegroeid (65 personen)
dat er behoefte bestond aan een grotere ruimte om hun kerkdienst te houden. Deze
werd gevonden in een bestaand dijkhuis, staande binnendijks huisnr35 vlak bij de
grens met Giessendam.
Dit huis werd verbouwd als synagoge. In het onderhuis kwam een woonruimte en een
mikwe (ritueel bad). Deze synagoge zou tot 1920 in gebruik blijven.
(AFB 1 - De voormalige dijksynagoge te Sliedrecht in
gebruik van 1845 tot 1920; foto uit 1985 voor de dijkverzwaring; het gebouw werd
opgeslagen en later weer herplaatst en gerestaureerd in 2005 heropend)
Rond 1985 kreeg ik een tip dat het ,,Joden Kerksie,, zou worden afgebroken van
wegen de dijkverzwaring.
Dit symbool van de Joodse bewoners in de Drechtstreek moest toch gespaard
blijven en ik zocht contact met het Joods Historisch Museum. Deze konden niets
doen, daarna probeerde ik het op de monumenten lijst van de gemeente Sliedrecht
geplaatst te krijgen.
Mijn eenmansactie bij het Gemeentebestuur van Sliedrecht en de Oudheidkundige
Vereniging Sliedrecht mochten niet baten, men had er geen enkele belangstelling
voor om de oude synagoge te behouden.
Door het steeds weer onder de aandacht te brengen in publicaties werd het door
een grotere groep mensen opgepikt en onder leiding van Ruth de Jong uit
Gorinchem werd de synagoge tijdelijk opgeslagen en later weer opgebouwd.
Sedert 2005 staat deze synagoge er weer mooi gerestaureerd bij als ontmoetings
plaats langs de dijk van Sliedrecht.
(Ook ter herinnering aan de Joodse bewoners die hier in de regio hebben
gewoond.)

(AFB 2 - Joodse bewoners op de dijk te Sliedrecht op
sabbath op weg naar de synagoge te Sliedrecht; foto ca 1910)
In 1845 woonden er Joodse bewoners in Sliedrecht 65, in
Gorinchem 150, in Werkendam 22, in Giesse-Nieuwkerk 16, in Alblasserdam 18, in
Papendrecht 15, in Dordrecht 327.
In 1935 pakten zich donkere wolken samen boven Europa, eerst in de crisistijd en
de beginnende vervolging van de Joodse bewoners in Duitsland.
In Nederland heeft men daar nog weinig weet van tot 1940, als het noodlot voor
de Nederlandse Joden toeslaat met de inval van de Duitse bezetters in Nederland.
Met de Duitsers komt de Joden vervolging. Weer herhaalt zich de tragedie die het
Joodse volk al zo vaak heeft moeten ondergaan. Het blijft niet bij vervolging
alleen, nu werden zij massaal uitgeroeid. Het onvoorstelbare aantal van 100.000
Hollandse Joden werden vermoord. Slechts een kleine groep bleef gespaard door
onder te duiken of door de vernietigingskampen te overleven.
In januari 1941 werd bij wet door de Duitse bezetter ingesteld dat alle Joden
vol, half of kwart zich moesten melden voor 3 juni 1941 om een stempel J in het
persoonsbewijs te laten zetten.
De Nederlandse burgemeesters en ambtenaren, plichtsgetrouw en overijverig en
vaak ook nog zwaar gelovig, voerden de controle op de Joodse medebewoners stipt
uit om alle gegevens te verstrekken en zelfs op te sporen.
Tot mijn grote schaamte moest ik in de loop der jaren constateren dat na de vele
verhalen die ik heb aangehoord en heb gelezen veel van onze Joodse medebewoners
zijn verraden voor geld en eigen gewin en door het speuren van overijverige
ambtenaren en politieagenten die de Joodse bewoners melden bij de Duitsers.
In Sliedrecht werden alle 20 Joodse bewoners opgepakt en die ondergedoken zaten
verraden. Slechts een keerde na de oorlog terug.
(AFB 3 - Inlichtingen op 30-4-1941 door gemeente
Krimpen a/d Lek verstrekt over de joodse achtergrond van Antje de Gelder aan de
gemeente Nieuw Lekkerland (i.v.m. wet door de Duitse bezette ingesteld in
januari 1941 van aanmeldingsplicht voor Joden - voor 3 juni 1941 moesten alle
Joden, vol, half of kwart een stempel J in het parsoonsbweijs hebben). Zij was geboren in 1831 te Krimpen a/d Lek en half
joods, dochter van Juda de Gelder (joods) en Adriana Drovers (niet joods),
getrouwd met watermolenaar Jan de Jong in Nieuw Lekkerland)
JOODSE VOOROUDERS
In Nieuw Lekkerland kwam ik een bericht tegen van 30 april 1941 van het
gemeentebestuur van Krimpen a/d Lek met inlichtingen over Joodse voorouders van
de familie de Jong uit Nieuw Lekkerland.
De navraag bleek te zijn gedaan door een overijverige en streng christelijke
ambtenaar Ouweneel uit de gemeente Nieuw Lekkerland.
Het betrof hier de half Joodse ANTJE DE GELDER (Ned. Herv. gedoopt), geboren in
1832 te Krimpen a/d Lek en overleden in 1900 te Nieuw Lekkerland, dochter van de
Joodse Juda de Gelder en de niet Joodse Adriana Drapers.
(AFB 4 - Antje de Gelder (1831-1914) half joodse vrouw
van de watermolenaar Jan de Jong in Nieuw Lekkerland, geb. Krimpen a/d Lek
8-1-1832, dochter van Juda van Gelder en Adriana Drovers)
Zij werd bij haar trouwen in 1861 als kraamster van inlandse goederen
ingeschreven en zal zo op haar rondtrekken als kraamster wel haar toekomstige
man hebben ontmoet de watermolenaar Jan de Jong uit Nieuw Lekkerland. Het
echtpaar kreeg 8 kinderen.
Slechts een kind van dit echtpaar leefde nog in 1941 deze was in de tachtig en
werd bestempeld als kwart Jodin en kreeg een stempel J in het persoonsbewijs en
was hierdoor zo aangedaan dat deze 6 weken later is overleden.
(gegevens komen van een direct familielid)
DORDRECHT
In Dordrecht wordt in 1670 de eerste Jood, eene Salomon Levie uit Polen als
poorter in Dordrecht toegelaten. Later komen we dezelfde Salomon Levie tegen
samen met zijn twee zoons Levie en Meyer Salomons als zij in 1696 worden
toegelaten tot het Groot Koopmans Gilde te Dordrecht.
De Joden die tot 1722 als poorter werden toegelaten kwamen vooral uit Rotterdam
en Amsterdam, en waren van Duitse komaf.
In 1737 kreeg Dordrecht een eigen Joodse begraafplaats.
(AFB 5 - In 1696 werden de eerste drie joodse
bewoners uit Dordrecht toegelaten tot het Groot Koopmans Gilde te Dordrecht; de
koopman Salomom Levie (uit Polen naar Dordrecht gekomen) en zijn 2 zoons Levie
en Meyer. Stadsarchief Dordrecht, archief 16, inv. 173)
De eerste synagoge wordt in 1739 in gebruik genomen in het voormalig Marienborn
klooster te Dordrecht (de Marienbornstraat geeft nog de plaats aan). Deze stond
vlak bij het Muntgebouw en de Nieuw Kerk en wordt de Joodse Kerk genoemd op de
kaart uit 1742 van Dordrecht.
In 1812 heeft Dordrecht 18.119 inwoners en een Joodse gemeente met 120 leden. In
1826 zijn er 239 Joden binnen Dordrecht. Deze wonen vooral in de wijk rond de
Riedijk en de Gravenstraat en rond de Nieuwkerk.
Op 27-9-1854 wordt de 1e steen gelegd voor de nieuwe synagoge aan de
Varkensmarkt 193 te Dordrecht.
(AFB 6 - eerste Synagoge in Dordrecht van 1739
tot 1856 in het voormalig klooster Marienborn (stond aan de Marienbornstraat);
tekening in kleur door Jacob Hoolaert (Dordracum Illustraum (DI) 1111))
In 1900 heeft Dordrecht 38.804 inwoners waarvan 399 Joodse leden.
In de oorlog 1940-45 worden er 290 joden uit Dordrecht weggevoerd naar
Duitsland, waarvan er maar enkele terugkeren. De anderen hadden vaak onder zware
omstandigheden ondergedoken gezeten, want verraad lag altijd op de loer in die
tijd.
In 1946 wordt er weer een bestuur gevormd. Maar het ledental loopt terug, men
kan de kosten van de synagoge niet meer opbrengen. Deze wordt in 1947 verkocht
en gesloopt in 1965.
(AFB 7 - tweede Synagoge in Dordrecht in gebruik
1856 tot 1940 en van 1945 tot 1947. In 1854 werd deze voormalige vleeshal
verbouwd tot synagoge aan de Varkensmarkt. In 1856 ingewijd (in 1940 had
Dordrecht 300 joodse leden), deze werd in 1947 verkocht.)
Twee Dordtenaren Izaak Zadoks en Izaäk Dasberg zaten in het bestuur van de
Joodse gemeente.
In 1987 wordt de Joodse gemeente na een periode van 260 jaar opgeheven.
Toevoegingen:
- 1941
* briefnummer 1621
D.F.C. i.z. in dienst houden van Joodsche trainer A. Weisz;
BRON: Erfgoedcentrum DiEP 213-51
- 1942
* briefnummer 1505
order tot geleide van fam. De Jong naar Zentralstelle für
Judische Auswanderung te Amsterdam;
* briefnummer 1560
order tot geleide R.H. Leviticus-van Dam naar Zentralstelle für
Judische Auswanderung te Amsterdam;
* briefnummer 1529
v.d. firma Lippmann, Rosenthal en Co betr. de levensverzekeringpolis van
den Jood S.A. Kleinkramer;
BRON: Erfgoedcentrum DiEP 213-52
(C) Papendrecht 2008 H.W.G. van Blokland-Visser / Dordrecht EvD november 2011.